De 'Chito Kitta' van de Annapurna..
...120 foto's...
Slaapplaatsen tot de pas: Bhulbhule (840m) - Jagat (1290m) - Chame (2620m) - Lower Pisang (3090m) - Manang (3440m) (1 rustdag) - Letdar (4230m)- Thorong Phedi (4450m)
We komen een aantal uur later aan in Besisahar waar we meteen uit de bus beginnen met lopen. We zijn er helemaal klaar voor en het enige wat vreemd is, is dat Krishna wel heel vaak om zich heen moet kijken en zich lijkt af te vragen waarom de bus juist hier is gestopt.. We slaan er maar geen acht op en genieten alvast van het uitzicht.
De eerste dag lopen we tot Bhulbhule. We komen aan in een guesthouse en zijn gesloopt. Een van de eerste dingen die we doen is even de kamer checken, onze natte sokken en schoenen te drogen hangen (van Mattijs omdat hij in het water is gevallen tijdens een Nepalese rivieroversteek (op stapstenen door laag water) en van mij omdat ik gewoon 'hard moest werken'), en TUKKEN.
We weten het nogsteeds niet zo met Krishna, hij spreekt slecht Engels en dat veroorzaakt vaak misverstanden. Hij lijkt wel gewoon een aardige kerel en we besluiten dat het wel goed zal komen.. Wat wel heel leuk is, is dat hij ons Nepalees gaat proberen te leren.
De dagen verlopen goed en we genieten van de uitzichten en het harde werken.
De guesthouses blijken primitief maar goed genoeg. Meestal is een bed genoeg en op een douche hopen we al lang niet meer elke dag. Iedere dag wordt het kouder en kouder. 's Nachts vriest het inmiddels ruim maar met onze nieuw aangeschafte 'gear' (slaapzakken en mutsenrommel enzo) komen we een heel eind. Al moet ik wel zeggen dat het iedere dag spannender wordt hoe koud we wakker gaan worden de volgende ochtend.. 
We lopen dagelijks van een uur of 08:00 tot een uur of 14:00 a 15:00u. De rest van de dag vullen we met chillen, voeten laten rusten, Nepalees oefenen, gemberthee drinken, lachen met de lokalen, de guides en de andere trekkers en niet te vergeten met de vrienden van Krishna die hij toch wel hier en daar blijkt te hebben.
We hebben de eerste dagen vooral last van de hitte overdag. Later steeds meer en meer van de hoogte, of eigenlijk van het aantal meters dat we moeten klimmen op een dag. Besisahar ligt op een metertje of 800 en we moeten uiteindelijk in een dag of 9 naar 5400 meter.
Voor Mattijs is alles een wedstijd: ik vind het ook wel leuk dat wij na verloop van een aantal dagen bekend komen te staan als "Chito Kitta" (snelle jongens) maar ik kan wel goed merken dat Mattijs gewoonweg fitter is dan ik. We zijn vaak als laatste weg 's ochtends en als eerste bij de volgende slaapplek. Er is 1 lichtpuntje: Nam Tso heeft ons al beloofd dat ik beter tegen de hoogte kan dus wie weet ontstaat er gaandeweg een evenwicht.. 
Dat meer mensen merken dat we snel zijn blijkt uit de reactie van Paul (een Engelsman die we vaker tegen komen). Paul is 49 en behoorlijk competatief. Hij heeft zijn guide een dag zover gekregen dat ze het laatste stuk bijna gerend hebben omdat 'the fucking Dutch' nog niet in zicht waren achter hem..
Later trekken we veel op met Paul. Hij is weliswaar behoorlijk praatgraag maar good company (thnx Paul)..
Over de omgeving is simpelweg niets te zeggen behalve dat het een voorrecht is hier te zijn en rond te lopen. We vallen bijna van verbazing in verbazing en beginnen zelfs aan de verbluffende omgeving te wennen. De foto's kunnen het niet vangen ookal blijf ik het proberen.. Ik begrijp nu ook dat het niet voor niets genoteerd staat als een van de mooiste trekkingen ter wereld..
We merken nu wel dat we hoger komen. Minder lucht (valt nog mee maar tijdens het lopen hijg je aanzienlijk meer ineens..
) en hele andere vegetatie. We hebben vannacht op ruim 3400m geslapen en zijn in afwachting van de pas!
Over de kou is trouwens ook nog wel wat op te merken: de dag voor de pas (in Thorong Phedi) heeft iemand een thermometer bij zich. Hij meet om 19:00u een temperatuur van -3 graden Celcius. Maar dan wel IN de kamer!! We geloven hem meteen.. 